
ILLUSTRATION — FLAGSIDE
9 managersrecords die voor eeuwig lijken
Voetbal verandert razendsnel, maar een handvol managersrecords staat al decennia als een huis. Niet omdat niemand het probeert, maar omdat de sport zelf niet meer toelaat dat ze herhaald worden.
Waarom dit soort records uitsterven
De eerste reden is structureel: clubs ontslaan managers tegenwoordig binnen twaalf tot achttien maanden als het tegenzit. De tijd en het geduld die veel van deze records mogelijk maakten, bestaan simpelweg niet meer in de bestuurskamers van vandaag. Dat maakt sommige prestaties niet alleen indrukwekkend, maar praktisch onherhaalbaar.
De tenure-records
Alex Ferguson zat ruim 26 jaar op de bank bij Manchester United, van 1986 tot 2013, en bouwde in die periode meerdere generaties kampioensteams. Geen enkele topclub in Europa geeft een manager nog zo'n lange aanlooptijd, laat staan decennia om fouten te herstellen. Guy Roux ging nog verder: hij leidde AJ Auxerre veertig jaar lang, van de lagere Franse divisies tot de Ligue 1-titel. Dat soort verbondenheid tussen club en trainer past niet meer in een tijdperk van jaarlijkse spelersbudgetten en ongeduldige eigenaren.
Drie keer op rij Europees
Zinedine Zidane won als trainer van Real Madrid drie Champions League-titels op rij, in 2016, 2017 en 2018. Sinds de hervorming van het toernooi in de jaren negentig heeft niemand anders dat geflikt. Het format is inmiddels zo breed en zwaar dat driemaal op rij de zwaarste Europese competitie winnen bijna wiskundig onwaarschijnlijk is geworden: te veel wedstrijden, te veel variabelen, te veel clubs met evenveel geld.
Carlo Ancelotti staat los daarvan bovenaan een andere lijst: hij is de manager met de meeste Champions League-titels ooit, verspreid over AC Milan en Real Madrid. Om dat record te breken moet iemand op twee verschillende grote clubs jarenlang op het hoogste niveau blijven presteren, iets wat in de moderne transfermarkt nauwelijks nog voorkomt.
De onwaarschijnlijke treble's
Pep Guardiola is de enige manager die de treble, landstitel, nationale beker en Champions League in hetzelfde seizoen, met twee verschillende clubs heeft gewonnen: met Barcelona en later met Manchester City. Dat vraagt niet alleen tactisch meesterschap, maar ook twee clubs die bereid zijn een compleet systeem rond één trainer te bouwen. Zoiets gebeurt zelden twee keer in een carrière.
Brian Clough voegt daar een compleet ander soort record aan toe. Hij won met Nottingham Forest, een club die nog nooit landskampioen was geweest, twee Europese Cups op rij, kort na promotie naar de hoogste Engelse divisie. In een tijdperk van financial fair play en superclubs met torenhoge budgetten is het ondenkbaar dat een net gepromoveerde ploeg zoiets nog eens voor elkaar krijgt.
Bob Paisley en Jupp Heynckes
Bob Paisley won als manager van Liverpool drie Europese Cups, in een tijd waarin de Engelse clubs jarenlang de Europese competitie domineerden. Jupp Heynckes voltooide in 2013 met Bayern München een treble in zijn laatste seizoen voordat hij vertrok, een afscheid dat nauwelijks te overtreffen valt qua timing en resultaat.
Het patroon achter de lijst
Wat deze negen records met elkaar verbindt, is niet alleen individueel meesterschap. Het is vooral dat ze ontstonden in omstandigheden die niet meer bestaan: langere aanstellingen, minder concurrentie aan de top, en toernooiformats die herhaling makkelijker maakten dan nu. De volgende generatie managers speelt onder andere regels, en dat betekent dat deze records waarschijnlijk voor altijd op naam blijven staan van de mannen die ze ooit neerzetten.
Het voetbalnieuws van de dag, om 7 uur in je inbox. Niets anders.
Hoogtepunten van de nacht, wat de transfermarkt doet, en het ene stuk dat je vandaag moet lezen. Geen ads. Geen tips. Geen operators.
Eenmalig afmelden. We delen je e-mailadres niet.
Comments
Loading comments…